Hockey lijkt op het eerste gezicht een sport voor wie er van kindsbeen af mee bezig is. Toch bieden veel clubs ook mogelijkheden voor volwassenen die pas laat beginnen. Er zijn ploegen voor beginners, voor recreanten en voor mensen die na lange tijd terugkomen. Je hoeft dus niet op te boksen tegen wie al jaren speelt. Je begint gewoon op je eigen niveau, met een bal en een stick in de hand, en je kijkt wat er komt.
Een plek vinden
Neem contact op met een club in de buurt en vraag naar de mogelijkheden voor volwassen beginners. Meestal kun je eerst een paar keer meetrainen zonder je meteen aan te melden. Zeg eerlijk dat je nog nooit hebt gehockeyd. Dan houdt de trainer daar rekening mee en past hij of zij de oefeningen aan. Vraag ook welke uitrusting nodig is en of je die in het begin kunt lenen.
Op de eerste training leer je de stick vasthouden, de bal aannemen en doorspelen. Het voelt in het begin wat ongemakkelijk aan, want een stick heeft een eigen manier van werken. Wees niet te streng voor jezelf. De anderen hebben ook ooit voor het eerst een bal geraakt, of gemist. De trainer laat je oefenen in kleine groepjes, zodat je niet meteen in een echte wedstrijd hoeft te staan.
Hockey is een teamsport, en dat merk je snel. Je speelt niet alleen voor jezelf, maar ook voor de anderen. Je leert elkaar kennen op het veld, en na de training zit iedereen in de kantine of op het terras. Neem de tijd om te praten en vraag naar het team. Vaak hoor je dan al snel of er een plek voor je is en wanneer de eerstvolgende wedstrijd of het eerstvolgende tornooi plaatsvindt.
Kom met een vriend of collega als je het spannend vindt. Samen beginnen is leuker, en je kunt na afloop napraten over wat goed ging. Vraag ook aan de ploegleden hoe zij begonnen zijn, want bijna iedereen heeft een verhaal over een eerste keer die een beetje misliep. Na een paar weken ken je de gezichten, en dan voelt de club vertrouwd aan. Dan komt de volgende stap: een vaste plek in het team.